Op 17 maart is het nieuwe Verkeersveiligheidsplan Vlaanderen een van de belangrijkste topics op het Verkeersveiligheidscongres met als thema ‘Veilig verkeer start met engagement’. We zetten de interessantste inzichten op weg naar Vision Zero al op een rijtje.
Het Verkeersveiligheidsplan Vlaanderen voor 2026-2030 kwam tot stand na een omgevingsanalyse uitgevoerd door Vias institute in opdracht van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW) en een grondige doorlichting van het vorige plan.
“Het aantal verkeersdoden daalde de laatste tien jaar met 36 procent”, onderstreept Pascal Lammar, beleidsmedewerker bij het Departement MOW. “Er zijn nog enkele verkeersveiligheidsdoelen waarvoor we nog niet op schema zitten. Daar gaan we mee aan de slag.”
Eén van de bevindingen uit de omgevingsanalyse is dat het bij vier van de tien ongevallen, gaat om een fietser. “Het inzetten op de modal shift en promoten van fietsgebruik verklaart die cijfers voor een deel”, zegt Pascal Lammar. “De Vlaming fietst meer en precies daarom blijven we inzetten op veiligere fietsinfrastructuur.”
Het Verkeersveiligheidsplan blijft fors investeren in de aanleg van veilige fietspaden (meer dan 300 miljoen euro per jaar). Daarnaast verhogen we het beschikbare budget voor het Fietsfonds vanaf 2026 van 15 miljoen naar 25 miljoen euro. Zo ondersteunen we lokale besturen bij de aanleg van veilige en comfortabele fietsinfrastructuur.
Het overlijdens- en ongevalsrisico bij senioren als kwetsbare weggebruiker ligt gemiddeld hoger dan voor andere leeftijdsgroepen. “Senioren verplaatsen zich bovendien meer met de fiets en te voet. Dat maakt hen kwetsbaar”, zegt Pascal Lammar.
We gebruiken daarom in het Verkeersveiligheidsplan de ‘8 tot 80+ norm’ of Kindnorm als uitgangspunt. Die norm staat voor veilige, vergevingsgezinde, comfortabele en duidelijke verkeersinfrastructuur, zowel op maat van kinderen als +80-jarigen.

De elektrische steps bieden potentieel voor last mile verplaatsingen, maar niet zonder gevaar voor de veiligheid. Het risico op een ongeval met verwondingen blijkt 93 keer groter met de e-step dan met de auto.
In het Verkeersveiligheidsplan zijn verschillende acties opgenomen om de veiligheid bij micromobiliteit te verhogen zoals onder meer doelgroepgerichte campagnes voor een correct en veilig gebruik, gepaste opleidingen en eventueel aandacht voor deze problematiek binnen het verkeersveiligheidspact met lokale besturen.
De omgevingsanalyse bracht ook andere prioritaire aandachtspunten aan het licht: onder meer onaangepaste rijsnelheid, zich verplaatsen onder invloed, afleiding, slaperigheid en gordeldracht (vooral achterin de wagen).
De evaluatiestudie van het vorige Verkeersveiligheidsplan en de benchmark die Transport & Mobility Leuven uitvoerde toonde aan dat onze aanpak in lijn ligt met die van andere landen en regio’s. “Wij bevelen aan om extra in te zetten op een zogenaamde veilige systeemaanpak”, zegt Stijn Daniels van Transport & Mobility Leuven. “Menselijke fouten kunnen we nooit uitsluiten, maar we moeten streven naar een mobiliteitssysteem waarbij die menselijke fouten niet tot dodelijke slachtoffers leiden.”
Voor de realisatie van het maatregelenpakket in het Verkeersveiligheidsplan rekenen we op het engagement van de lokale besturen en andere stakeholders om de verkeersveiligheid te verbeteren.
“In 2026 willen we het al aangehaalde verkeersveiligheidspact met lokale besturen finaliseren”, zegt Pascal Lammar. “Het verkeersveiligheidspact moet lokale overheden voorzien van praktische handvaten om beleid te ontwikkelen dat de verkeersveiligheid bevordert. Daarnaast krijgt het vademecum Voetgangersvoorzieningen een update en houden we het vademecum Fietsvoorzieningen up-to-date. Met elke euro die we in onze wegen investeren, willen we de verkeersveiligheid verhogen.”